[27:] VIJFDE TOONEEL.
V o r i g e n.
(Bira brengt Mevrouw een briefje). Dari toewan!
Mevrouw Erlburg:
Excuseer mij, Mevrouw, 't is een briefje van mijn man. (Zij leest.) - Zijn vriend Philipsen heeft van morgen zijn kostjuffrouw verloren, dat wil zeggen zij is spoorloos verdwenen - met achterlating van meer geld dan schulden en nu vraagt hij mij of ik tegelijk met zijn lunch of ik wat eten zenden wil voor Philipsen. - Ik moet dadelijk met Kokkie spreken. - Zoo dadelijk ben ik terug. U blijft toch nog even tante Betje?
Tante Betje:
Ja, ik moet nog even kijken naar Njo.
Mevrouw Erlburg:
Hetty, kom je mij helpen.